taisteng on DeviantArthttps://www.deviantart.com/taisteng/art/Tikkie-jij-bent-hem-638283919taisteng

Deviation Actions

taisteng's avatar

Tikkie, jij bent hem

By
Published:
821 Views

Description

Tikkie, jij bent Hem!, een verhaal uit het Duistere Geraniumwoud

Sommige spelletjes neem je bloedserieus, vooral als je zeven bent. Neem ‘Tikkie, jij bent Hem!’ nu. Yvonne dook achter de dikste geraniumstam en hoopte dat de anderen haar domweg zouden vergeten.
Hou je adem in. Wees zo stil als een veldmuis. 
Met getikt worden was natuurlijk niks mis: je moest enkel een tijdje joelend rondrennen tot je een nieuw slachtoffer aan wist te raken.
Daarna kon je op een boomstomp neerploffen om eens lekker uit te hijgen. Als je Hem net geweest was, mocht niemand jou immers de volgende ronde aantikken?
Maar zo nu en dan was het een ‘heel andere boterkoek’ zoals haar oma zou zeggen. De aanraking van een vinger jensde dan door je heen als een spetterende stroomdraad en vulde je hele lijf met sissende elektriciteit. En dan… Yvonne huiverde. Maar niet meer meespelen kon domweg niet. De anderen zouden naar je wijzen en je een huilbaby noemen, een Rabarbie-prinsesje.
Als je zeven bent, zijn er geen spelletjes die te ruw voor meisjes zijn, niet als je met Arya’s Bloedzusters mee wilde rennen. Arya was het meisje uit Game of Thrones met het kleine, maar allemachtig scherpe zwaardje, die elke nacht voor het slapen alle lieden opsomde die ze nog wilde vermoorden.
Nu had Yvonne er geen enkel probleem mee om in de hoogste geranium te klimmen en op haar kop aan de bovenste takken te hangen, maar ze had er echt een gloeiende bloedhekel aan om Hem te zijn. De afgelopen nacht had ze de maan vol boven de schoorstenen zien hangen, en hoewel het nu dag was bleef zo’n maan doorwerken.
Roffelende voetstappen, die door de dorre bladeren raceten. Ze sprong overeind, dook weg voor de uitgestrekte hand en ging pardoes onderuit in een klomp slijmerige inktzwammen.
Julia’s vinger tikte haar schouder aan en Yvonne wist dat ze verloren had en niet zo’n beetje ook. Al haar kleine haartjes stonden ineens overeind op haar blote armen en benen. Stonden overeind en begonnen te groeien, langer en langer tot ze in kleurige veren veranderden. Haar tanden versmolten met elkaar en haar kaken verbogen tot de haaksnavel van een adelaar.
Een trompet toeterde. Het had eigenlijk een jachthoorn moeten zijn maar een feesttrompet voldeed.
‘Daar gaat ze!’
Yvonne siste, hief een geklauwde voorpoot en bleef op haar plaats staan. Een bloedrode woede vulde haar hersens, liet haar ogen opgloeien. Die mensen! Die miezerbeestjes. Ik klauw het zachte meisjesvlees finaal van hun botten en kraak hun hoofdjes als struisvogeleieren.
De trompet blaatte opnieuw en al haar woede verdampte, maakte plaats voor paniek. Arya’s Bloedzusters hadden een luchtbuks bij zich, zag ze, vast gejat van een oudere broer of achterneef. Ze konden geen echte kogel vuren maar maar de zilveren hagel deed even veel pijn als de beet van een vuurmier. Je reinste vergif en als ze haar meer dan twee twee keer raakten, ging ze waarschijnlijk dood.
Yvonne probeerde haar vleugels te slaan, maar ze waren duidelijk onbruikbaar, alleen voor de mooi. Ze zouden het lijf van een adelaar zo de lucht in zwiepen, maar een leeuwenlijf van meisjesformaat? Vergeet het maar.

Er waren zeven drijvers, hoorde Yvonne aan de voetstappen en ze zouden wegvluchten zodra ze recht op hen afstormde, maar de andere vijf droegen gewoonlijk wapens en zouden niet aarzelen om die te gebruiken.
De bladeren van een klapbessenstruikje veranderden vlak voor haar in stuivende confetti en ze wist dat ze haar in het vizier hadden. Het volgende schot zou haar niet missen.
Ze rende sneller dan de wind en sprong pardoes over de Vlierbeek. Daar werkten die stomme vleugels wel degelijk: ze kon niet vliegen maar een meterslange zweefsprong zat er wel in.
Ze snelde het witte huis voorbij, cirkelde om het meer heen. Drie drugdealertejs sprongen van de bank op, keken haar met open mond na.
Daar: een haag van verwilderde braamstruiken. Niemand zou haar daar zoeken.

De stemmen stierven weg en Yvonne probeerde haar sidderende spieren te ontspannen. Voor de allereerste keer hunkerde ze er naar om op te groeien, om een meisje te worden dat een roze jurk naar het schoolfeest droeg en uit haar ooghoeken naar de jongens gluurde. Om te giechelen en de slappe lach met haar vriendinnen te krijgen en…
Er klonk een luid geblaf, vlakbij en gevolgd door juichkreten.
‘Hij heeft haar spoor gevonden!”
‘Pak haar, jongen!’
O nee. Ze hadden Tobias van Linda’s vader geleend, de vader die in herfst altijd in de Ardennen ging jagen. ‘Ik laat Tobias gewoon lekker uitrazen,’ zou Linda tegen haar vader gezegd hebben. ‘Ik weet hoe druk je het hebt en ik vindt het prima om Tobias uit te laten.’

Yvonne gleed onder de struiken uit, ademde diep in en sprintte op vier poten dieper het Duistere Geraniumwoud in.Ren ze tegemoet, dat verwachten ze nooit en spring zo vaak over de Vlierbeek als je kan. Vreemd hoe helder haar gedachten bleven, zelfs nu ze een beest was. Klets. Ik ben geen echte griffioen, alleen een meisje dat in dit afschuwelijke lijf gevangene zit.
De wereld om haar heen werd een korrelig zwart en wit maar op de een of andere manier juist gestoken scherp, net als de ets die aan de muur van de huisarts hing. En dan die geuren: ze vloeiden in lichtende stromers om haar heen, elk onmiskenbaar. Je had de peperige geur van dennennaalden en hars, het olieachtige parfum van vers eekhoorntjesbrood.
Ze zullen mij neerknallen. Ze hangen mijn vleugels van de nok van ons clubhuis in Fatima’s achtertuin, net als de huid van de weerwolf laatst, en niemand zal zich herinneren dat ik eens hun vriendin was.
Ze had zelf joelend achter de vorige Hem gerend. Een drijver, geen jager, maar even fanatiek als de rest van hun club, even bloeddorstig.

De zon zakte eindelijk omlaag, haar lange stralen bijna horizontaal en ze hadden haar spoor opnieuw gevonden. Al dat gespring over de beek en van geraniumtop tot geraniumtop zeilen had uiteindelijk niets uitgehaald.
Ze hoorde Tobias blaffen en hij was geen lieve, lieve hond meer die ze tussen de de oren kon kroelen maar de Vijand.
‘Ik zag haar staart!’ riep Isabella. De struiken bogen opzij en ze sloten haar in, hun buksen en luchtpistolen opgeheven. Ze probeerde hen recht in de ogen te kijken, om genade te smeken maar hun ogen waren de ogen van jagers, wijd opengesperd met pure bloedlust.
Yvonne stond daar met zwoegende flanken, volkomen buiten adem. Haar hart sloeg als een trommel, een drum die zo met de harmonie kon meemarcheren.
Het is zo oneerlijk. Ik kan de daken van onze straat al zien.
‘Etenstijd!’ schalde een stem. ‘Iedereen naar huis, meisjes! Nu meteen! Laat jullie moeders niet wachten!’
Het was de stem van Diana Metterinck, de directrice van de basisschool, Isabella’s moeder en de ongekroonde koningin van de Sint Ansfridusstraat. Het was een bevel dat krachtiger was dan ieder kinderspel en Yvonne voelde haar vleugels ogenblikkelijk slinken en met haar vlees vermelten. Haar snavel werd plat en groeide opnieuw tanden,
‘Hier,’ zei Isabella, ‘neem mijn jas. Bloot thuiskomen….’ Ze draaide zich om. ‘Julia, jij had haar broek toch opgeraapt nadat je haar tikte?’

Die nacht zag Yvonne de maan boven de geraniums rijzen en ze voelde een steek van puur verlangen. Om weer snel als de wind door het woud te sprinten, om een jachthond in de luren te leggen…. Gelukkig bleef het nog een dag of twee volle maan en konden ze het spel morgen weer spelen.

MEER VERHALEN UIT HET DUISTERE GERANIUMWOUD taisteng.deviantart.com/galler…

    

    



Image size
4240x3174px 8.66 MB
Make
NIKON
Model
COOLPIX P6000
Shutter Speed
10/5060 second
Aperture
F/3.6
Focal Length
6 mm
ISO Speed
64
Date Taken
Nov 30, 1999, 12:00:00 AM
© 2016 - 2024 taisteng
Comments0
Join the community to add your comment. Already a deviant? Log In