Site Header

Deviation Actions
Literature Text
Met alles wat Orion zei, raakte Nealyn meer in de war. Hij liet doorschemeren dat hij niet van deze wereld was, wat betekende dat er meer waren. Daar had Nealyn nooit eerder bij stilgestaan. Hoe had hij van de zijne naar die van haar kunnen reizen? Had dat te maken met die vreemde magie die hij bezat? Wat voor mogelijkheden bood Orions kracht nog meer?
Het meest verwonderd was ze misschien nog wel doordat hij geen idee had wie ze was. Dat kwam nooit voor. Haar verschijning zorgde meestal voor vermoedens bij mensen en als dat niet voldoende was, dan zorgde haar naam wel voor herkenning. Hoewel zijn houding nu milder was, wist Orion nog steeds niet wie er voor hem stond. Eigenlijk vond ze dat wel verfrissend en ze overwoog om hem niet veel wijzer te maken. Maar als ze hem aan haar kant wilde krijgen, kon ze beter eerlijk zijn.
‘Wat ik ben, daar ben ik ook nog niet helemaal achter. Wel wat de mensen willen dat ik word: de Godin die Jakob zal verslaan. De elf Goden waren mijn ouders. Ze verwekten me bij de moederbron, daarom is de makhma mijn magie. En dan heb ik nog een menselijke vader en moeder. En je hebt gelijk, mijn ogen heb ik van mijn vader. Al snap ik niet hoe jij dat weet.’
De wind huilde door het ingestorte dak van de bibliotheek en sloeg Orions kap naar achteren. Hij trok hem snel weer naar voren. Nealyn had echter al genoeg gezien. Orions ogen waren witter dan die van haar vader, al bleef de overeenkomst opvallend. ‘Ken je hem?’
Orion hief een vinger. 'Wacht even; ik raakte de weg kwijt bij 𝘣𝘪𝘫𝘯𝘢 𝘦𝘦𝘯 𝘥𝘰𝘻𝘪𝘫𝘯 verheven figuren plus twee min of meer doorsnee mensen verstrengeld in een orgie, en dat dit aantal kennelijk als normaal of zelfs noodzakelijk wordt gezien voor het verwekken van één kind.' Zijn ingenomen lachje smolt van zijn gezicht. 'Ik denk dat ik iets 𝘵𝘦 ver weg ben van huis…'
‘Nou, normaal zou ik het niet willen noemen. Er is een reden waarom er niet meer zijn zoals ik.’ Nealyn sloeg haar armen over elkaar. ‘Een gewoon mensenkind zou niet ver komen in de strijd tegen een vijand die sterker is dan al mijn veertien ouders bij elkaar, denk je wel?’
'Ik ben niet de juiste persoon om daar antwoord op te geven. Goden bestaan niet in mijn wereld. Gewone mensenkinderen die het ongewone mogelijk maken, daarentegen…'
‘Een wereld zonder Goden? Wie heeft jou dan gemaakt?’ Ze geloofde er niets van dat hij een normale magiër was. Al die geheimzinnigheid, zijn onbekende krachten… zelfs het feit dat hij hier ineens opdook in een voor hem vreemde wereld. Om Orion aan te moedigen meer over zichzelf te vertellen, wees Nealyn naar haar ogen. Ze had geen idee wat hij eerder met datzelfde gebaar had bedoeld, maar blijkbaar was het voor hem iets belangrijks.
'Ah, dus dat is je al opgevallen. Dan is dit ook niet meer nodig.' Hij deed de kap van zijn cape af en onthulde een gezicht dat niet genoeg zonlicht had gezien, omlijst door lang zwart haar. En natuurlijk waren er die witte irissen. Fonkelingen brachten normaal gesproken ogen tot leven, maar niet die van hem. Dit wit was dood. Orion keek haar niet direct aan; zijn blik rustte op een punt net boven haar hoofd. Een frons trok diepe groeven in zijn huid en hij praatte langzaam, alsof de woorden zwaar op zijn tong vielen. 'Ooit was "gewoontjes" een passende omschrijving voor mij. Een molenaarszoon met groene ogen. Op mijn zestiende veranderde dat in magiër met witte ogen.' Hij trok zijn neus op bij die laatste zin. Walging vulde zijn stem.
Nealyn begreep zijn probleem niet. 'Dus? Mijn vader – de menselijke – heeft ook hele lichte ogen.'
Hij trok een wenkbrauw omhoog. 'Interessant. Waar ik vandaan kom, denkt men dat een blik als deze je vrije wil af kan pakken, en dat zijn de vriendelijke geruchten. Misschien waren reacties minder gedramatiseerd geweest als deze oogkleur niet het kenmerk was van de machtigste familie uit mijn wereld – wat duidelijk een andere familie was dan degene waarin ik opgroeide. Ik bleek toch niet een zoon van een molenaar te zijn.'
Nealyn voelde dat er iets wrong. Dat vertelde haar dat er veel meer had gespeeld. Ze had zelf ook geheimen die ze liever niet oprakelde, dus drong ze niet aan op meer uitleg.
‘Ik weet zeker dat je ouders toch trots op je zijn,’ zei ze om hem op te beuren. Zelf durfde ze er niet op te vertrouwen dat haar ouders haar zouden vergeven als haar geheim uitkwam, al verzekerde haar vader haar altijd dat de liefde voor een zoon of dochter onvoorwaardelijk was. En als ze Orion goed begreep, had hij zelf geen schuld aan wat hij was. 𝘐𝘯 𝘵𝘦𝘨𝘦𝘯𝘴𝘵𝘦𝘭𝘭𝘪𝘯𝘨 𝘵𝘰𝘵 𝘸𝘢𝘵 𝘪𝘬 𝘩𝘦𝘣 𝘨𝘦𝘥𝘢𝘢𝘯.
Schaduw van kennis - deel 1
Schaduw van Kennis - deel 2
Schaduw van Kennis - deel 3
Schaduw van Kennis - deel 4
Schaduw van Kennis - deel 5
Schaduw van Kennis - deel 6
So, how many parents do you have?
I wrote this together with Kim ten Tusscher, who writes absolutely epic stuff! Visit her site for more info:
www.kimtentusscher.com/nl/swit…
Aaaand story artwork!

This work is part of a story I'm working on, called 'a State of Equilibrium. Find more about it here:
www.pamhage.com
Two thumbs up! Still enjoying this :)









